De rustige, de moederlijke, de spring in het veld en de spirituele.

Sinds dat ik thuis ben krijg ik, naast de verzorging voor mijn wond, hulp bij wassen, aankleden en andere dagelijkse dingen. Dit heet met een heel mooi woord, ziekenhuis verplaatste zorg. En doordat de wond nog steeds open is krijg ik dus de specialisten op wondverzorging in de vorm van verpleegkundigen 2 maal per dag thuis.

Voordat ik het ziekenhuis in ging, had ik door de diabetes en de complicaties die ik hier van heb ook al hulp bij wassen, aankleden, e.d. Schatten had ik vooral de zusters A en A. Heerlijke meiden zijn dat en ik hoop dat als de wond weer goed dicht is, dat ze mij weer mogen komen helpen. De ene zuster A heeft een bos vol met wilde krullen en net zoals haar krullen er uitzien, is haar personaliteit. Sprankelend, vol energie, een waterval van woorden, grappen, en een dijk van een ziekenverzorgende! Ook draagt ze zorg voor de voeten van menig mens en ook die van mij worden door haar capabele handen verzorgt. De andere zuster A is een stuk jonger dan alle andere zusters en broeders die ik in de loop der jaren heb gehad, maar ze heeft meer in haar mars dan menigeen zou denken. Wat mij het meest treft aan haar is de manier waarop ze met de mensen omgaat. Vol liefde naar de mens toe, doet ze haar werk.

Maar door omstandigheden, komen ze momenteel niet meer bij me langs en ik moet zeggen dat ik ze ontzettend mis. Aan de andere kant krijg ik dan nu de verpleegkundigen en ziekenverzorgenden (met wond verzorg aantekening) aan mijn bed.

Zo hebben we zuster M. een prachtige, rustige vrouw met een heerlijk zuidelijk accent. Lekker smeuïg. Ook heeft ze wat ik noem de zuidelijke zwier, of beter gezegd swing, van doe maar rustig aan dan gaat alles beter en gemakkelijker. Als ze bezig is met mijn wondverzorging, dan doet ze dat dan ook op deze manier. Rustig en zonder toestanden, en vaak met minder pijn dan de andere verplegenden. Niet dat de anderen het ruw doen. Nee het het is haar jarenlang ervaring in de verpleging die haar de kundigheid hebben gegeven om wonden zoals die bij mij, te kunnen verbinden. 

Een van hun is zuster S. zij kwam ook al langs bij mij voor de ziekenhuisopname. Zuster S, ik noem haar de moederlijke. De moederlijke vanwege, hoe zij is. Warm, liefdevol, behulpzaam, zorgzaam, heeft een groot organisatie talent, en alle kwaliteiten die een moeder bezit. Ik kan alles aan haar vertellen, wat me dwars zit van momenteel de wond die wel geneest, maar in mijn ogen niet snel genoeg tot aan de woordenwisselingen die ik heb met mijn man, of andere. Van een leuke grap tot aan mijn meest verdrietigste herinnering. En wanneer ik het nodig heb een schouder om op uit te huilen, of juist een glimlach die me op kan beuren. Maar wat me het meest treft aan zuster S. is haar vermogen om in iemands situatie in te leven. Zelfs tot op die hoogte dat ze zich weg gaat cijferen. Niets is haar te veel om er voor te zorgen dat alles weer in orde komt, ongeacht de consequenties voor haarzelf.

Van alle zusters en broeders die ik ken behoord zij tot mijn favorieten.

Daarnaast hebben we zuster “spring in het veld” of te wel de wondverpleegkundige zelf. Is zuster S een zachte lome bries, dan is zuster “spring in het veld” een kleine wervelwind! Groter verschil kan er eigenlijk niet zijn. En toch is ook deze zuster een kei in haar vak. Vaak kwam ze ook met ideeën aan om het verband op die of die manier aan te leggen.Ook zij is een goed luisteraar en de dagen dat “moeders” niet kwam kon ik gelukkig met veel problemen rondom de wond naar haar toe. Maar die wervelwind, he? Soms was dat wel goed ook want een goede storm verjaagd alle muizenissen.

Last but not least, zoals de uitdrukking klinkt. Hebben we broeder de spirituele, met hem heb ik het naast over wondverzorging voornamelijk gehad over geloof, religie, stenenleer, en andere alternatieve geneeswijzen. Een rustige en wijs man. Als reïncarnatie echt bestaat, dan ben ik er zeker van dat hij wel eens een prediker in zijn vorige leven geweest kon zijn. En een man die niet schroomt om te zeggen wat hij denkt en vindt. Iemand die ondanks alles met beide benen in het leven staat.  

Nee zonder dolle, ik ben blij dat ik alleen maar goede verzorgenden en verpleegkundige aan mijn bed heb gehad. Zonder hun hulp had ik deze laatste 3 bijna 4 maanden die ik nu weer thuis ben niet door kunnen komen. De tranen die ik heb gestort op hun schouders, vaak denk ik wel eens dat wanneer ze bij mij zijn geweest, dat ze snel naar huis moesten om schone en droge kleding aan te trekken, voordat ze naar de volgende cliënt gingen.

Ik weet volgens de regels van de organisatie waar zij voor werken mag ik hun geen cadeau of iets van een geldelijk bedrag geven. Dus ik doe het maar in deze vorm, een openbaar compliment, een welgemeend dank jullie allemaal, die zich hebben ingezet om mij weer gezond en wel te krijgen!

Mon Chapeau!

     

 

12 December 2009
By on 18:16
Herinneringen aan de eerste weken in het ziekenhuis.

Nu ik al wat langer thuis ben komen er nog meer herinneringen op me af over de laatste 2 maanden. zo heb ik ongeveer 5 weken op 7 C gelegen. Van vlak na de eerste operatie weet ik niet zo veel meer en ik vermoed dat ik ook nooit meer zal herinneren dan wat ik nu nog weet.

Ik was zo ziek en had zo’n hoge temperatuur, dat ik aan het ijlen was geslagen. Ik schijn dan ook tijdens een van deze koortspieken, de telefoon die naast het bed stond gesloopt te hebben en de hoorn hiervan samen met mijn oplaadkabel van mijn mobiel en een aantal papiertjes in een schoudertas gepakt te hebben en deze aan een van de verpleegkundigen gegeven te hebben, met de mededeling dat wat in deze tas zat erg belangrijk van voor mijn man, mocht er wat met mij gebeuren.

Een andere herinnering is dat wanneer ik gespoeld was, (mijn wond moest 3 keer per dag worden uitgespoeld) ik steevast zei zo en nu heb ik mijn biertje wel verdiend. Dan moet je ook wel weten dat ik al 14 jaar geen druppel alcohol meer had gedronken. De verpleegkundigen die me hielpen met het spoelen moesten dan ook telkens lachen, en zeiden dan is een kop koffie ook goed?

Of verpleegkundige G die dan daarna een mop vertelde (in het engels) over Sophie en Clementine. In een deuk lag ik dan telkens weer, ondanks de pijn. Ik zag dan in mijn gedachten verpleegkundige G als een ringmaster of een ouderwetse cabaretier in vol ornaat en hoge hoed op, voor een volle zaal staan. En zei dan je ben je eigenlijke carrière misgelopen, je had cabaretier moeten worden!

Dan had je verpleegkundige F ook nog, hoe vaak heb ik mijn angsten bij hem geuit? En hoe vaak heeft hij me gerust gesteld? Ontelbare keren. Ook bij broeder G de cabaretier, zijn vele tranen over zijn schouder heen gerold. En zuster E, de lieverd, de senior van de afdeling, wat een schat is zij geweest voor me! En dan nog zusters I en I de kalmte die zij uitstraalde, en de professionaliteit met wie zij mijn wond later een VAC moesten aanbrengen. De avondzusters (en broeders natuurlijk!) die vaak door de pijn mijn buien aan moesten horen? Wat een bewonderenswaardige mensen zijn dat geweest. Niets dan lof voor hun!

Dankzij hun en vele van hun collegae lukte het met telkens om de zin in het leven te behouden op de momenten dat ik het niet meer zag zitten. Zo had je zuster C door mij tante C genoemd, hoe vaak heeft zij mijn hand niet vast gehouden als de artsen weer eens met hun handen in mijn wond zaten, hoeveel blauwe plekken heeft zij niet op haar arm gehad, als de pijn weer eens niet te harden was? En dan toch telkens weer zo lief voor me zijn? Een ding weet ik zeker, ze is een kanjer van een lieve vrouw.

Nu dat ik weer thuis ben en ook eindelijk de foto’s heb gezien van de wond, hoe groot die wel niet was, en hoe lelijk het er wel niet uitzag, begrijp ik eindelijk waarom men zo bezorgt was om mij. Ik ben achteraf bekeken zieker geweest, dan ik ooit heb geweten op dat moment. En nu begrijp ik ook  waarom ze telkens weer zeiden, stop toch eens met roken, het heeft zo’n slechte invloed op je wondgenezing. Nu dat ik weet het hoe en wat, begrijp ik het, en vind ik dat ik maar een …… patiënte was die om eerlijk te wezen, stronteigenwijs was.

Ik weet alleen dat als ik ooit weer eens geopereerd moet worden dat ik het liefst naar deze afdeling terug wil. Niets dan goede mensen, verpleegkundigen, en artsen werken hier op deze afdeling. Als ik ooit een enquête moet invullen over de kwaliteit en een rapport cijfer moet geven, over deze afdeling dan is het niets anders dan lof en op zijn minst een 9 voor iedereen die hier werkt!

 

   

 

27 September 2009
By on 22:32
Rommelig?

 

Mijn eerste indruk was, oh mijn god waar ben ik nu aangekomen, wat een rommelige afdeling. Overal staan rolstoelen langs de muur, karretjes met lakens en washandjes en handdoeken, en alles kris kras over de gang, waardoor het moeilijk was om met mijn rollator er langs te kunnen. Ik moest echt omwegen maken om bij mijn nieuwe kamer te komen.

De mensen liepen ook in mijn ogen kris kras door elkaar, en verpleegkundigen renden van hot naar her, de helpende of anders gezegd de verzorgende, renden van links naar rechts, en ontweken van alles wat op hun weg kwam.

Vol verbazing keek ik naar dit mierennest, en dacht bij mezelf, oh boy, waar ben ik beland deze keer. Want een mierennest was het echt, alles wat zo ongecoördineerd leek was in feite een zeer gestructureerde en fijn gestemde dans die de helpende en de verpleegkundigen uitvoerden. Iedereen was en is op elkaar afgestemd en een knikje kon betekenen dat de patiënt gereed was met de verzorging en dat de helpende snel het bed op maakte, net zoals in een echt mierennest heeft ieder zijn, haar taak om te doen, en toch leek het er op alsof iedereen maar wat leek te doen, waar hij, zij zin in had.

Na een aantal dagen begon ik te wennen aan de afdeling en begon ook mijn ritme te krijgen, en deed dan ook mee met de dans die zo ongecoördineerd leek. Ik leerde de verpleegkundige kennen, hun hebbelijkheden, hun makkelijke kant en hoe ze reageerde op mij, en mijn problemen. En die had ik genoeg! Van een wond die nog steeds niet dicht was, tot aan mijn emotionele huilbuien wanneer ik er weer eens doorzat.

Elke zuster, en of broeder wordt door mij lieverd en schat genoemd, niet omdat ik hun namen niet weet, die weet ik dondersgoed wel, maar gewoon ze doen zo veel voor me, dat wil je gewoon niet weten. Van mij op vangen tijdens mijn huilbuien, wanneer ik naar huis toe wilde, tot aan de huil en schreeuw buien als de wond verzorgd moest worden, en schreeuwen kan ik, daar ben ik echt achter gekomen. Gillen als een sirene, en nog worden aangemoedigd je doet het hartstikke goed, het gaat prima nog even volhouden, we zijn er bijna. Dus in mijn ogen zijn het stuk voor stuk lieverds en schatten, alleen al daarom.

En dan heb je nog, ik noem haar maar zuster pica, die heeft wat met mijn buikband heen en weer gerend, van boven naar de naaikamer en weer terug, hoe veel honderden meters zij voor mij wel niet heeft gelopen? Geen idee, maar een grotere schat kan je niet vinden. En dan zuster B hoe vaak heb ik niet in pijn haar hoofd er af gebeten? Ik ben de tel kwijt, en toch altijd weer een lief en opbeurend woord voor me klaar hebben. En zuster plak omdat ze telkens s’ avonds mijn wond na keek en weer extra pleisters er bij moest plakken, hoe vaak heeft zij me niet geholpen hiermee? Zodat ik de volgende dag nog droog was en hierdoor nu a.s. Donderdag naar huis mag.

En de hoofdzuster, wat een schatje hoe vaak heeft ze niet mij verbonden? En een bemoedigend woord toegesproken? En allerlei dingen voor elkaar gekregen voor me? En dan heb ik het nog niet eens gehad over de andere verpleegkundigen, die mij op hun beurt moesten helpen, en ik op mijn beurt weer eens de kop af beet!

Dan heb je bv nog voor het gemak noem ik hem broeder Bril, die meer in zijn mars heeft, dan men zou denken. Hij is rustig en bedachtzaam, maar ondertussen, weet hij je te kalmeren, wanneer het weer eens tijd was voor mijn wond te verzorgen.

En mijn naamgenote, wat een lieverd, de keren dat ik mijn hart bij haar heb uitgestort zijn ontelbaar. De keren dat ze me geholpen heeft, om alles weer in perspectief te zien. Dan hebben we ook nog zuster H, hoeveel moeite ik moest doen om haar naam te leren? De keren dat ik het weer eens fout zei? Je hebt geen idee, en ze bleef maar lachen en aanmoedigen om het goed te zeggen, uiteindelijk heb ik haar naam toch onder de knie gekregen. De verrassing die ze had, haar dochter die ook op de afdeling werkte en niet alleen mij maar iedereen van ontbijt, lunch en koffie voorzag.

En dan de koffieman, K wat een gozer, heerlijk, die lach wanneer hij in de ochtend binnen komt, je dag klaart gelijk op. Het krantje wat hij voor me bracht elke dag, het eitje, en mijn standaard ontbijtje, dank je voor dit!

En dan de nachtdienst, zuster A en broeder G wat een schatten, zo rustig waren ze, en dan moesten ze weer eens luisteren naar mijn verhalen, nooit was iets te veel voor hen.

En alle anderen die ik hier niet genoemd heb, ik ben ze dankbaar voor alles wat ze gedaan hebben, de aanmoedigingen, de liefde, vriendschap en geduld, zonder hun had ik het echt niet gered!

En de rommelige afdeling, hoe denk ik er nu over? Rommelig, nah, dat is het nooit geweest, mijn ogen moesten gewoon even worden geopend, en wennen aan de normale en dagelijkse gang van zaken! Per slot van rekening is het normale leven ook een mierennest, met een vast dans patroon, en geen steriele voorgeprogrammeerde omgeving, waar geen ruimte is voor menselijke warmte!

Bedankt!!!!

15 September 2009
By on 21:50
Vrijdag thuis?

 

Vanochtend hoorde ik dat ik Vrijdag naar huis zou mogen. Althans dat is het plan. Zelf wil ik echt weg hier, maar de arts van deze afdeling is niet echt happy er mee, en vroeg mij op de “vrouw” af of het wel zo verstandig was om al naar huis te gaan terwijl de wond nog voor 35 % open ligt.

De hele dag was gelijk verpest in mijn mening, maar desondanks dacht ik toch over haar vraag na, en ik moet nu na een aantal uren bekennen dat ze eigenlijk gelijk heeft. Ik die zeg dat iemand anders gelijk heeft, hoe is het mogelijk. Ik, de eigenwijsheid in eigen persoon, wie had dat ooit gedacht? Niet te kort! En zekers niet te geloven.

Maar laat ik nou eens eerlijk zijn, ik ben goed ziek geweest, en niet zo’n klein beetje ook. Zware infectie aan de wond en een wond van ongeveer 14 cm is nu een wond van ongeveer 45 cm. Dat is wel een verschil van lengte. In totaal 3 operaties gehad en dan nog koppig zijn, en bij de eerste beste gelegenheid naar huis? Nee dacht het toch niet.

Ik ben blij dat ze de vraag heeft gesteld zodat ik echt even kon nadenken. Ik moet het haar nog wel vertellen, maar weet zeker dat ze opgelucht zal zijn, met mijn antwoord.

Nu heb ik zo iets oké volgende week Vrijdag wil ik toch wel echt naar huis, en als ik dan thuis ben is de kans dat de infectie ook niet meer terug komt. Want daar is iedereen over eens ook de artsen die me naar huis willen sturen, dat hoe dichter de wond is hoe beter de kans op genezing. Hoelang deze ook op zich laat wachten.

Morgen vertel ik het haar. En terwijl dat ik dit alles schrijf “ruik” ik mijn wond, alhoewel dat eigenlijk ook weer niet mogelijk is omdat het goed is afgeplakt en voor zo ver ik weet nog niet lek.


By on 21:45
Een oude vijand steekt de kop op!

Vandaag is het de meest moeilijke dag voor me, althans tot nu toe. De 5 weken dat ik nu hier ben, zijn een lijdensweg voor me geweest, veel pijn, twijfel, meerdere operaties, hoop, wanhoop, verdriet, liefde, angst, en ga zo maar door. En toch is deze nacht tot nu toe de ergste van alle nachten die ik hier heb meegemaakt.

Een oude vijand heeft de kop op gestoken! Alcohol! Ik proef het, ik voel het, ik denk het, ik beleef het, ik wil het, ik moet het hebben, ik wil er in zwemmen, in verdrinken, in duiken, en verzuipen.

Ik pieker de hele avond al, ik weet dat als ik toegeef dat ik de strijd toch verloren heb, dan sterf ik als nog, jonger dan ik eigenlijk wil. Ik heb de kanker deze keer verslagen, de infectie bijna te boven gekomen, en zal ik dan toegeven, aan de drank?

Ja, ik wil, brult mijn emotie, nee, schreeuwt mijn verstand. Heen en weer gaat het in mijn hoofd, mijn lijf doet mee, bij nee schieten de pijnscheuten door mijn lijf, en bij ja schieten de pijnscheuten nog zwaarder door mijn lijf. Bij het ene argument komt gelijk het andere argument, voor en tegen, pro en contra. Een achtbaan ben ik, ik gier door de bocht met een sneltrein vaart en kom maar niet tot een stop.

Ik zoek de rem, waar is de rem gebleven? Waar is de nood knop die elke trein heeft? Wanneer is dit eindelijk over? Wanneer stopt deze dollemansrit eens? Waar leidt dit allemaal naar toe? Hoelang moet dit nog duren? Wanneer wordt ik echt gek? Hoeveel kan ik nog hebben? Wanneer breekt eindelijk mijn lijn met sanity? Waar moet ik de kracht nog vandaan halen om door te gaan?

Zoveel vragen en geen antwoorden! Mijn hoofd loopt over. Ik zie het echt niet meer zitten en wil eigenlijk nu uit het leven stappen, maar wie doe ik daar meer pijn mee dan rust te vinden voor mijn zelf? Mijn man, mijn geliefde, mijn alles, mijn, vriend, mijn eigen. Die zal ik het meeste pijn doen met dit alles, ik laat hem dit dan ook niet lezen voordat ik weer helemaal genezen ben. Ik heb hem al genoeg verdriet bezorgd over de laatste 5 weken.

Wanneer is het allemaal over? Ik wil zo graag naar huis, mijn veilig huis, mijn plekje op deze wereld, mijn schuilhokje. Ik wil weg kruipen onder de dekens, en net zoals vroeger toen ik nog kind was, gerustgesteld worden dat alles goed zal komen. Mijn vader kon dit zo goed, wat mis ik die man vandaag de dag. Zijn vertrouwen in alles, gaat mijn pet vandaag te boven, waar haalde hij zijn kracht vandaan om door de aftakeling te gaan die hij meemaakte nog niet eens zo lang geleden. Pas 7 jaar geleden is hij heen gegaan, en nogmaals ik mis die man!

En toch na alles te hebben op geschreven wat me zo dwars zit, voel ik nog steeds de aandrang om te drinken, me te verzuipen in de alcohol. Met alle gevolgen van dien.


By on 21:40
Pijn

 

Pijn is de meest onbegrepen gevoel dat bestaat. Pijn is ook niet te beschrijven, niet na te vertellen, en zeker al niet over te brengen op de arts, zodat ze weten hoe erg het eigenlijk wel kan zijn.

Eigenlijk moet er eens een apparaat worden uitgevonden, waarbij een ander kan voelen, wat je voelt. Niet om sadistisch te zijn tegen over de ander, maar gewoon dat ze weten wat je voelt.

Dan krijg je het probleem weer dat pijn door iedereen anders wordt ervaren, en dat men nog niet begrijpt wat je voelt.

Dat is het nadeel, het ervaren van pijn, elk mens heeft zijn eigen pijngrens en geen is gelijk hier in. En toch zou ik graag eens willen dat men voelt wat ik voel op het moment dat mijn huid in de brandt staat, door de zenuwpijn. Ik weer dat men er niets aan kan doen, maar ik wordt er zo moe van elke dag weer pijn te ervaren.

Het trekt je leeg, het maakt je tot een heel onaangenaam persoon, het vermorzeld je, je gaat overal tegen in, je wordt er zo depressief van. Elke dag weer. Telkens opnieuw. Telkens moet je weer je zelf opladen, je afvragen waar je de energie vandaan moet halen, om de dag door te komen.

En toch ooit zal men een universeel middel uitvinden wat alle pijn, buiten geestelijke pijn, kan onderdrukken, wat een mooie dag zou dat zijn voor alle chronische pijnpatiënten.


By on 21:35
Wakker worden!

 

Langzaam begon de afdeling wakker te worden, de geluiden, van de nacht verpleegkundige werden ook iets luider, de stap werd sneller, dringender. Hier en daar werden de mensen al wakker en keken met een slaperige kop boven de dekens uit, verwonderd over de tijd hoe vroeg het wel niet was,

6 Uur mopperde een vrouw, jongens kan het niet nog vroeger? Ja, hoor was het vrolijke antwoordt, hoe laat zou je het morgen gehad willen hebben? De vrouw was lichtelijk verontwaardigd en gaf hierop geen antwoordt maar trok de dekens nogmaals over haar hoofd in een poging om nog wat slaap te krijgen.

Het was slechts een futiele poging, want de verpleegkundige was alweer terug op de zaal met de thermometer, de bloeddrukmeter, en allerlei andere apparatuur die men nodig pleegt te hebben wanneer men de patiënten wakker maakt. Grommend liet de vrouw zich de bloeddruk meter om haar bovenarm doen, terwijl de thermometer zich een weg vond naar haar oor. En piepend de temperatuur aangaf, die haar dan weer de hoop gaf dat ze deze dag weer een beetje beter zou zijn.

Elke dag was een dag vooruit, sinds vorige vrijdag, dat ze weer was geholpen. De derde keer al, dat ze was geopereerd. Moe werd ze er van en ook nog eens wanhopig, wanneer zou het dan eindelijk achter de rug zijn? Maar niet gezeurd de thermometer gaf aan dat ze 37.1 had en nu sinds de 31 juli was ze al die tijd praktisch koortsvrij. Hup, over deze moeilijke bui hoor, dacht ze bij haar zelf en trok nadat de verpleegkundige klaar was met de metingen de dekens weer over haar hoofd.

En zuchtend viel de vrouw weer in slaap.


By on 21:31
De Verhuizing!

 

Vandaag is het zo ver! Ik ga naar B 7 de verpleegafdeling! Een stap dichterbij huis! Na 5 weken op de chirurgische afdeling gelegen te hebben, ga ik eindelijk naar een andere toe.

Wat een spanning is dit voor me, nieuwe verpleegkundigen, nieuwe regels, nieuw alles. Maar dit alles komt wel met een nieuwe onzekerheid. Blijft de wond zich goed gedragen? Of gaat de wond weer de verkeerde kant op? Als dit gebeurd ben ik binnen “no time” weer terug op C7 en dan begint alles weer opnieuw.

Ik zou het niet aan kunnen en ik weet zeker dat J het helemaal niet meer aan kan dan. Die arme jongen, die zit er al helemaal doorheen. Ik heb geen idee hoe ik voor hem dit kan oplossen. Dit is iets wat hij zelf met zich in reine moet komen. Vandaag gaat hij voor het eerst sinds 5 weken weer aan het werk, misschien is dit wel de oplossing, dat hij dan niet de hele dag kan denken aan het feit dat mijn genezing een beetje een rollercoaster is.

Het is nu 04:30 en (ik zit nu buiten, sinds dat het rokershok gesloten is), als alles goed gaat is hij nu op de bus naar zijn werk toe. Ik voel echt met hem mee, niet vanwege het werk, maar vanwege alles wat hij de laatste weken heeft mee gemaakt met mij. Ik hou van die gozer!

Straks weer naar boven, nog een paar uur slapen, en dan is het zo ver. Ik hoop echt dat dit een stap richting huis is!!


By on 21:28
Vertwijfeling

 

De twijfel heeft toegeslagen, kei en kei hard. Wanneer mag ik toch naar huis toe? Is mijn vraag. Wanneer is de wond eindelijk schoon genoeg om te horen, oké ga maar! Het voelt alsof ik nooit meer ga, alsof ik hier aangekoekt ben, alsof ik een stukje meubilair ben.

Mijn huis, ik kan me haast niet herinneren hoe het er uit ziet! Mijn nieuwe keukenblok dat ik 2 dagen kreeg voordat ik hier terecht kwam, ik heb geen idee meer hoe het er uit zag. De honden, hoe gek het ook klinkt gaan er uit zien als een grijze stoffige en vergeelde foto, ergens gemaakt in 1800. De kat, zijn tekening hoe zag die er ook alweer uit? De manier waarop hij met zijn klauw zachtjes tegen je wang tikte, ik ben het echt haast vergeten. De herinneringen zijn er wel, maar de beelden die er bij horen, vervagen.

Dit maakt me verdrietig, maakt me dat ik heimwee heb, en de vertwijfeling die toe heeft geslagen. De bomen in de achtertuin, de bladval, de vogels die hun extra voer nu al gaan krijgen, wanneer krijg ik weer de tijd om ze te herkennen? Welke zijn van vorig jaar en welke zijn de nieuwe vogels? Wie heeft welke karaktertrekken? En wie is er haantje de voorste? Wie is er niet bang voor de kat? En wie vliegt al weg bij het zien van mijn gezicht voor het keukenraam?

En het belangrijkste van alles, mijn man, hoelang kan hij het nog volhouden om elke dag hier naar toe te komen? Hoeveel kan hij ook nog aan?

Allerlei vragen die maken me aan het twijfelen. En dan de wond nogmaals die komt steeds terug, wanneer……………………..

Ik weet het echt niet meer. Ik ben echt aan het eind van mijn Latijn. Veel meer kan ik ook niet meer hebben. Ik schreeuw het uit, zachtjes van binnen, waar niemand me kan horen, alleen diegene aan wie ik het laat merken, en dat zijn er niet erg veel. Al die onzekerheid, ik wou dat er een eind aan kwam.

Zo niet dan ga ik maar slapen, en ik hoop dat ik eens goed door slaap. En ik bedoel hiermee echt slapen, en geen gekke andere dingen.

Tags van Technorati: ,,,,

By on 21:21
De Schrik (vervolg)

Eergisteren was de arts dus langs geweest en had niet iets bijzonders ontdekt aan de wond, tja het was een beetje opgezet, iets gespannen, maar verder leek het rustig in het wondgebied. Gisternacht begon de wond aan de rechterkant ineens te vloeien.

Dus toch dacht ik nog, weer een operatie! En heb verder de hele nacht liggen te spoken.

Dr. K. kwam gistermorgen langs en heeft een aantal hechtingen los gemaakt en de wond schoongemaakt. Ook is er een poging gedaan om een handschoen draintje aan te leggen, maar omdat ik ook latex allergie heb moesten ze die weer verwijderen, want de handschoen die ze gebruikt hadden was van latex. Dat was eigenlijk wel jammer want het zou de oplossing kunnen zijn.

Vandaag kwam een van Dr. K.’s collegae langs en die komt vanmiddag of vanavond nogmaals langs want ik lek nog niet. En hij vind het te pijnlijk om telkens het verband er af te halen, Dus ik moet nog steeds afwachten tot dat de wond vandaag is bekeken. Maar hij vertelde mij wel dat wanneer de wondranden roze waren dat ik me geen zorgen hoefde te maken (nog) want ik had nog geen koorts of temperatuursverhoging.

 

Nu 2 dagen later, bleek dat de wond toch na uitspoelen, een betere kleur had dat ze dachten. Wel moet ik nu elke dag worden gespoeld, en opnieuw worden verbonden, maar ik heb toch weer hoop.

Tags van Technorati: ,,

By on 21:15