Rommelig?
15 September 2009
By on 21:50

 

Mijn eerste indruk was, oh mijn god waar ben ik nu aangekomen, wat een rommelige afdeling. Overal staan rolstoelen langs de muur, karretjes met lakens en washandjes en handdoeken, en alles kris kras over de gang, waardoor het moeilijk was om met mijn rollator er langs te kunnen. Ik moest echt omwegen maken om bij mijn nieuwe kamer te komen.

De mensen liepen ook in mijn ogen kris kras door elkaar, en verpleegkundigen renden van hot naar her, de helpende of anders gezegd de verzorgende, renden van links naar rechts, en ontweken van alles wat op hun weg kwam.

Vol verbazing keek ik naar dit mierennest, en dacht bij mezelf, oh boy, waar ben ik beland deze keer. Want een mierennest was het echt, alles wat zo ongecoördineerd leek was in feite een zeer gestructureerde en fijn gestemde dans die de helpende en de verpleegkundigen uitvoerden. Iedereen was en is op elkaar afgestemd en een knikje kon betekenen dat de patiënt gereed was met de verzorging en dat de helpende snel het bed op maakte, net zoals in een echt mierennest heeft ieder zijn, haar taak om te doen, en toch leek het er op alsof iedereen maar wat leek te doen, waar hij, zij zin in had.

Na een aantal dagen begon ik te wennen aan de afdeling en begon ook mijn ritme te krijgen, en deed dan ook mee met de dans die zo ongecoördineerd leek. Ik leerde de verpleegkundige kennen, hun hebbelijkheden, hun makkelijke kant en hoe ze reageerde op mij, en mijn problemen. En die had ik genoeg! Van een wond die nog steeds niet dicht was, tot aan mijn emotionele huilbuien wanneer ik er weer eens doorzat.

Elke zuster, en of broeder wordt door mij lieverd en schat genoemd, niet omdat ik hun namen niet weet, die weet ik dondersgoed wel, maar gewoon ze doen zo veel voor me, dat wil je gewoon niet weten. Van mij op vangen tijdens mijn huilbuien, wanneer ik naar huis toe wilde, tot aan de huil en schreeuw buien als de wond verzorgd moest worden, en schreeuwen kan ik, daar ben ik echt achter gekomen. Gillen als een sirene, en nog worden aangemoedigd je doet het hartstikke goed, het gaat prima nog even volhouden, we zijn er bijna. Dus in mijn ogen zijn het stuk voor stuk lieverds en schatten, alleen al daarom.

En dan heb je nog, ik noem haar maar zuster pica, die heeft wat met mijn buikband heen en weer gerend, van boven naar de naaikamer en weer terug, hoe veel honderden meters zij voor mij wel niet heeft gelopen? Geen idee, maar een grotere schat kan je niet vinden. En dan zuster B hoe vaak heb ik niet in pijn haar hoofd er af gebeten? Ik ben de tel kwijt, en toch altijd weer een lief en opbeurend woord voor me klaar hebben. En zuster plak omdat ze telkens s’ avonds mijn wond na keek en weer extra pleisters er bij moest plakken, hoe vaak heeft zij me niet geholpen hiermee? Zodat ik de volgende dag nog droog was en hierdoor nu a.s. Donderdag naar huis mag.

En de hoofdzuster, wat een schatje hoe vaak heeft ze niet mij verbonden? En een bemoedigend woord toegesproken? En allerlei dingen voor elkaar gekregen voor me? En dan heb ik het nog niet eens gehad over de andere verpleegkundigen, die mij op hun beurt moesten helpen, en ik op mijn beurt weer eens de kop af beet!

Dan heb je bv nog voor het gemak noem ik hem broeder Bril, die meer in zijn mars heeft, dan men zou denken. Hij is rustig en bedachtzaam, maar ondertussen, weet hij je te kalmeren, wanneer het weer eens tijd was voor mijn wond te verzorgen.

En mijn naamgenote, wat een lieverd, de keren dat ik mijn hart bij haar heb uitgestort zijn ontelbaar. De keren dat ze me geholpen heeft, om alles weer in perspectief te zien. Dan hebben we ook nog zuster H, hoeveel moeite ik moest doen om haar naam te leren? De keren dat ik het weer eens fout zei? Je hebt geen idee, en ze bleef maar lachen en aanmoedigen om het goed te zeggen, uiteindelijk heb ik haar naam toch onder de knie gekregen. De verrassing die ze had, haar dochter die ook op de afdeling werkte en niet alleen mij maar iedereen van ontbijt, lunch en koffie voorzag.

En dan de koffieman, K wat een gozer, heerlijk, die lach wanneer hij in de ochtend binnen komt, je dag klaart gelijk op. Het krantje wat hij voor me bracht elke dag, het eitje, en mijn standaard ontbijtje, dank je voor dit!

En dan de nachtdienst, zuster A en broeder G wat een schatten, zo rustig waren ze, en dan moesten ze weer eens luisteren naar mijn verhalen, nooit was iets te veel voor hen.

En alle anderen die ik hier niet genoemd heb, ik ben ze dankbaar voor alles wat ze gedaan hebben, de aanmoedigingen, de liefde, vriendschap en geduld, zonder hun had ik het echt niet gered!

En de rommelige afdeling, hoe denk ik er nu over? Rommelig, nah, dat is het nooit geweest, mijn ogen moesten gewoon even worden geopend, en wennen aan de normale en dagelijkse gang van zaken! Per slot van rekening is het normale leven ook een mierennest, met een vast dans patroon, en geen steriele voorgeprogrammeerde omgeving, waar geen ruimte is voor menselijke warmte!

Bedankt!!!!

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

*

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>